Mijn idool Irvin Yalom en de kunst van het niet-weten

Toen ik als jongvolwassene steeds meer interesse kreeg in de menselijke geest verslond ik de boeken van Irvin Yalom, de beroemdste therapeut ter wereld. Hij schreef bestsellers als De Schoppenhauerkuur, Nietsches Tranen en De Therapeut. Stuk voor stuk prachtige, toegankelijke verhalen. Gisteravond organiseerde School of Life een video-interview – met vijfduizend kijkers (!) – met de nu 89-jarige Yalom.

Existentiële therapie

Yalom is een van de drijvende krachten achter de existentiële therapie. Daarin onderzoeken cliënten met de therapeut hun verhouding tot de lastige levensthema’s zoals sterfelijkheid, lichamelijkheid (je hebt maar één lichaam waaraan je nooit kunt ontsnappen) en niet-weten (keuzes moeten maken terwijl je kunt nooit alles vooraf weet).
Wat me het meest raakte in het interview was niet de inhoud van de antwoorden van Yalom. Het was de relatie die hij met zijn kijkers en de interviewer aanging.

Rouwen om Merlyn

Hij vertelde oprecht hoe hij rouwde om het overlijden van zijn vrouw Merlyn waarmee hij al bijna 75 jaar samen was. Hoe hij haar dichtbij wil hebben, maar het niet kon verdragen naar haar foto te kijken of haar graf te bezoeken. Dat hij een foto maakte van de lokale boekwinkel waar haar boek stond uitgestald om het haar te tonen en zich tegelijkertijd beseft dat dat onzin is. Daar zat een kwetsbaar mens.
Hij kreeg vragen vanuit de maakbare wereld. Over de beste tip aan jonge therapeuten, aan 30’ers van nu, over waar het na corona met de wereld naartoe zou gaan. En steevast gaf hij aan het niet zo direct te weten. Te aarzelen over het juiste antwoord. Benieuwd te zijn naar de persoon van de vragensteller. Want het juiste antwoord is te specifiek. Het ligt besloten in de leefwereld van de vragensteller.

Echte relaties aangaan

Het mooie van existentiële therapie (en andere zogenaamde ‘humanistische therapieën’) is dat dè waarheid altijd tussen haakjes wordt gezet. Yalom toonde zich daarin een grootmeester. Anders dan in de cognitieve gedragstherapie legt de begeleider steeds opnieuw zijn of haar rugzak met kennis af. Reacties en antwoorden op de vragen van cliënten komen niet uit een conceptueel of theoretisch kader en ze bezitten geen algemene waarheden. Het is niet zo dat de therapeut meer probeert te weten van de toestand van de cliënt of probeert te diagnosticeren. Hij wil het slechts samen begrijpen en doorvoelen wat het werkelijk betekent om in diens schoenen te staan. Om van daaruit te zoeken naar nieuwe, vruchtbare wegen.

Parallelle werelden

Deze houding vraagt van de begeleider oprechtheid in het aangaan van het contact. Deze verstopt zich niet achter een professioneel statuut om te schermen met theoretische inzichten, diagnoses en checklisten maar is iedere opnieuw bereid in te brengen wat hij of zij ervaart. Zo kan de cliënt ook bij zichzelf ervaren wat er met hem of haar gebeurt. Want waarom zou de wijze waarop de cliënt met zijn of haar begeleider in contact gaat anders zijn dan in de ‘echte’ wereld? De cliënt krijgt op die manier een veilige omgeving aangeboden om zichzelf op een authentieke wijze uit te drukken. Zo komt op enig moment het gevoelde verlangen tot leven.

Een leven zonder spijt

Het was bijzonder dat de 89-jarige Yalom – mijn idool – iedere keer opnieuw aansluit bij zijn eigen beperktheid en menselijkheid. Zich nederig toonde aan het einde van zijn leven. Een leven zonder spijt, zoals hij zelf zei. En op die manier iets groots voorleeft en tegelijkertijd ruimte biedt aan anderen om hun eigen kleuring te geven aan hun wezenlijke vragen. En is dat niet essentie van het leven?

VOORBIJ
DE STRESS.

Menu